Het roepen
Ook al klinkt het zacht
Als een echo uit een diepe donkere put
Kun je het nog niet zien
Ruiken voelen proeven
Lijkt het een illusie
Die uit de mist boven het water
Met een nauwelijks voelbare bries
Aan komt waaien,
Kruipt het als verlangen
Door je buik en kriebelt het
Zachtjes door je lendenen
Als zoete verleiding die je beroert;
Zelfs als je het ontkent
Dringt het zich aan je op:
Een verlangen dat zich niet laat blussen
En, vroeger of later geef je eraan toe
Maakt het dat je alle onzin laat varen
Muren vermorzelt met zweet op je rug
Vermommingen afwerpt, maskers verbrand
Modder afspoelt en naakt droogt in de wind.
Om jezelf eindelijk echt te zien
Te gaan waar het voor jou bedoeld is
Geloodst door een baken in de verte
Dat jou naam roept, zacht maar beslist.
Michiel Soeters
